Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Onmogelijk (7)

  Het is een prachtige herfstdag en waar kan ik dan beter vertoeven dan in de uitgestrekte wouden die aan de rand van de nederzetting waar ik woon liggen. Terwijl ik wandel en geniet van de herfstachtige taferelen om me heen zie ik vanuit mijn ooghoeken een grijze schim door de bomen schieten. Plots staat de grijze schim voor me. Rijzig met lang grijs haar en een grijze baard.  ‘Hoi Eenzame Fietser, ‘zegt hij.  ‘Hoi…………..? ‘  ‘Beste Man, ‘ zegt hij. ‘ Hoi Beste Man. ‘  ‘Ben je nog eenzaam fietser? ‘  ‘Eenzaamheid verschijnt in twee vormen Beste Man. In de eerste vorm hebben we te maken met eenzaamheid voorkomend uit het feit dat iemand genegeerd, miskend wordt, geen aansluiting heeft en vindt met een sociaal netwerk en hier dusdanig onder gebukt gaat dat het leven één groot tranendal is. De andere vorm van eenzaamheid is de eenzaamheid die iemand opzoekt omdat deze het non-stop gewauwel en gekakel van de burgers om zich heen zat is en zich lie...
Recente posts

De bejaardenoppas.

  In deze kille, egocentrische, individualistische wereld zijn de ware krenten in de pap de mensen die zich bekommeren om de breekbare medemens. U moet dan denken aan gezonde, sterke mensen die een deel van hun vrije tijd opofferen om bejaarde mensen, die in de late herfst van hun leven vertoeven, een menswaardige en plezierige laatste tijd te geven. Denk aan uitstapjes, gesprekken, maaltijden maken of gewoon gezellig een spelletje Rummikub met ze spelen.  Ik heb werkelijk enorm veel respect voor deze zichzelf wegcijferende helden.  Ook ik ben zo’n held. Mijn eerste ‘klant ‘ was Herr Walter Klaumstürber. Walter heeft inmiddels de respectabele leeftijd van 105 jaar bereikt. Geboren in 1920 in het plaatsje Kotzen stond Walter in 1939 klaar om mee te helpen Lebensraum te creëren. Zijn finest moment vond in 1944 plaats tijdens de Slag om Arnhem als onderdeel van Operatie Market Garden. De kameraadschap die hij daar ervoer heeft hij zijn ganse leven daarna niet meer mogen me...

De Theorie Van Iedere Keer Weer Gelijke Kans.(6)

  Ik word wakker, kijk op mijn bellenwekker en zie dat het 4.00 uur is. Je voelt het, je hoort het. Geluiden die worden gedempt en het zachte licht dat door de gordijnen schijnt ondanks het nachtelijk tijdstip. Het heeft gesneeuwd!!! En niet zo zuinig ook. Ik schat dat er zo’n dertig centimeter is gevallen. Vrouw Holle heeft haar best gedaan. Ik drink twee mokken dampende Dark Roast Coffee, maak een lunchpakketje van vier boterhammen met pindakaas, trek mijn winterjas en snowboots aan en kuier richting de eindeloze wouden welke gelegen zijn aan de rand van de nederzetting waar ik vegeteer en contempleer. Het is alsof ik door een verijsd Paradijs loop. De takken van de kolossale bomen zijn bedekt met fijne poedersneeuw wat een feeëriek tafereel oplevert. Eekhoorntjes scharrelen door de sneeuw naarstig op zoek naar achtergebleven eikels. Marters trekken hazen uit hun holen en bijten hen de strot door. De schalkjes. De sneeuw knerpt onder mijn boots terwijl wilde zwijnen al knorrend...

Friedrich Bötel Von Neuenstein.

  Soms denk je dat je mensen kent, dat je weet wie ze zijn. Soms slaat de balans ook naar de andere kant door. Ik liep door de stad en zag hem aan de overkant van de straat lopen, Friedrich Bötel Von Neuenstein. Onafscheidelijk waren we ruim veertig jaar geleden. In elk klaslokaal zaten we naast elkaar en ieder vrij uurtje brachten we samen door. Friedrich was een glanzende polderjongen, wel geproportioneerd met schouders als klapdeuren en een borstkas als een bovenmaatse snijplank. We zijn elkaar na de middelbare school uit het oog verloren. Toch herkende ik hem direct. Hij was ouder geworden. Uiteraard, wie wordt er niet ouder? Zijn oogopslag herkende ik echter uit duizenden. ‘Hoi oude vriend!’ zei ik terwijl ik op hem afliep. Voordat hij wat kon zeggen stak ik een hand uit om hem tegemoet te treden met een warme begroeting. Zijn hand was kil, koud, ijskoud zelfs. ‘Oh oude vriend, ‘zei ik ‘Wat heb je een koude hand.‘ ‘Dat klopt, ‘zei hij. ‘Ik heb een stalen kunsthand. Ste...

De Veel - Werelden - Hypothese.(5)

  Mijn club doet het slecht. We verliezen aan de lopende band en het spel is niet om aan te zien. Het is half december en we zijn al uitgeschakeld voor alle prijzen. Het donkere bos waar ik nu loop, bezwangerd van het vocht, versierd met spinrag, kussens van mos en dode bladeren, brengt me niet de vreugdegolven die ik normaliter hier wel heb. Ik ga op een boomstam zitten en contempleer. Vanuit de nevel duikt hij op, lang, oud, wijs en grijs. Het is inmiddels geen verrassing meer. ‘Wat kijk je sip Eenzame Fietser.‘ ‘Het gaat niet goed met mijn club Beste Man.’ ‘Die club uit Zuid?’ ‘Yep’ ‘Maar daar gaat het toch zelden goed mee? ‘ ‘Dat valt op zich wel mee Beste Man, maar het lijkt of ik het steeds moeilijker kan verdragen. De pijn nestelt zich in mijn poriën en mijn bloedbaan. Kon ik het maar veranderen. Had ik maar de macht er iets aan te doen. ‘ ‘Die macht heb je Eenzame Fietser.‘ ‘Yeah, right Beste Man. Vertel.’ ‘Heel simpel. Je reist terug in de tijd, past wa...

Zeven rijen dik voor een Bratwürst.

  Eens in de zoveel tijd maak ik een tripje met Grote Geeuw en Ome Beertje. Honderd van de honderd keer is het een tripje naar een niet al te ver gelegen stad. We struinen rond, drinken en eten wat en bekijken, indien mogelijk, een voetbalwedstrijd. De tripjes staan niet echt bol van vooruitstrevendheid. De hippe ervaringen zijn op de vingers van een stomp te tellen. De steden en/of het jaargetijde waarin onze tripjes plaatsvinden zijn grauw. Alle kleur is eruit geramd. Voor veel mensen zou dit een nachtmerrie zijn, voor ons is het echter een zegen. Grauw is voor ons het nieuwe zonnetje en een donkere kelder waar je bier kunt drinken is voor ons het nieuwe zonovergoten terras. De bestemming was dit keer Aken. We hadden al vroeg afgesproken en begonnen de reis met een omweg via Utrecht en een vertraging van ruim een uur. Desondanks waren we prima op tijd in ons hostel, letterlijk naast de Hauptbahnhof gelegen. De kamer was al gereed en de stapelbedden stonden strak gestreken op ons ...

Alcoholisten drinken graanhalmen.

  ‘We zijn er mijnheer. Dit is de eindhalte.'  Ik loop naar de buschauffeur en wil hem bedanken als een man met een open kwijlende mond langs me loopt en me hard aanstoot.‘   ‘Trek het je niet aan,‘ zegt de chauffeur. ‘Deze komt uit de Hut.’ ‘De Hut?‘ ‘Ja de Hut. Dat is een psychiatrische inrichting een stukje verderop. Er zitten hele zware gevallen en wat lichtere gevallen zeg maar. De lichte gevallen mogen tussen 9.00 uur en 17.00 uur buiten de poort vrij bewegen. Vandaar dat je in de omgeving zo nu en dan zo’n losgeslagen projectiel ziet rondscharrelen. Ze doen geen kwaad, zijn hoogstens een tikje onaangepast.'  Ik bedank de chauffeur voor deze informatie en kijk op Maps hoe ik moet lopen naar het hutje dat ik voor twee weken heb gehuurd. Hier, in een verre hoek van het Avondland, ben ik van plan mijn aanstaande dichtbundel   Alcoholisten drinken graanhalmen te perfectioneren. Mijn uitgever is reuze enthousiast over het manuscript en verwacht er veel...