Doorgaan naar hoofdcontent

Zeven rijen dik voor een Bratwürst.

 


Eens in de zoveel tijd maak ik een tripje met Grote Geeuw en Ome Beertje. Honderd van de honderd keer is het een tripje naar een niet al te ver gelegen stad. We struinen rond, drinken en eten wat en bekijken, indien mogelijk, een voetbalwedstrijd. De tripjes staan niet echt bol van vooruitstrevendheid. De hippe ervaringen zijn op de vingers van een stomp te tellen. De steden en/of het jaargetijde waarin onze tripjes plaatsvinden zijn grauw. Alle kleur is eruit geramd. Voor veel mensen zou dit een nachtmerrie zijn, voor ons is het echter een zegen. Grauw is voor ons het nieuwe zonnetje en een donkere kelder waar je bier kunt drinken is voor ons het nieuwe zonovergoten terras. De bestemming was dit keer Aken.



We hadden al vroeg afgesproken en begonnen de reis met een omweg via Utrecht en een vertraging van ruim een uur. Desondanks waren we prima op tijd in ons hostel, letterlijk naast de Hauptbahnhof gelegen. De kamer was al gereed en de stapelbedden stonden strak gestreken op ons te wachten. Het werd tijd de stad te verkennen. Het gebied tussen het treinstation en het centrum is een soort niemandsland. We namen ook nog de verkeerde afslag zodat het drie kwartier duurde om de hemelsbreed 1,2 kilometer te overbruggen. Onze eerste stop was de wereldvermaarde Dom Van Aken. Iedere rechtgeaarde atheïst moet deze een keer in het leven bezocht hebben. Je bek valt open bij zoveel pracht en praal. Het feit dat het geschiedkundige zwaargewicht Grote Karel er is begraven geeft het geheel nog meer cachet.




Onze bierstop werd de Dommkeller. Vanuit muzikaal oogpunt gezien denk ik een van de hoogtepunten in mijn bestaan. Een fantastische donkere houten Keller waar je eerder schlagers van Gottschalk zou verwachten. Ze hadden een playlist opgezet die, mochten ze tot in de eeuwigheid kunnen blijven draaien, radio 538 in de verste verte niet bij elkaar zou kunnen scharrelen. De legendarische nummers die onze oren streelden waren niet te tellen. De absolute hoogtepunten waren de drie nummers van The Smiths en twee nummers van Slowdive. Ik heb dit nog nooit in welk café dan ook meegemaakt. Ik appte Rellen Ron en de Dude de playlist met de begeleidende woorden : Ik huil, ik ween. Uiteraard hoefde ik ze niks uit te leggen. We hebben er een paar kostelijke uurtjes beleefd, maar op een gegeven moment riep de honger.



Het werd een Indiaans restaurant. Haast iedere trip vaste prik. Ik bestelde zoals gewoonlijk een curry en dan de hete variant. Ik zag de ober kijken, ik heb al zo vaak met dit bijltje gehakt. Ik hoorde hem denken : Die Witman. Hete curry? Hahahaha. Die doet aan zelfoverschatting. Uiteraard kon de ober niet weten dat ik twee keer per week curry eet en mijn vier varianten currypasta  bij de toko koop. Dat is andere koek dan die weke curry pasta uit de supermarkt. Ik gaf geen krimp tijdens het eten terwijl ik de ober door de varens naar me zag gluren.

Op het tijdstip dat de jeugd het centrum ging veroveren besloten wij nog een afzakkertje in de hotelbar te nemen. Er was een optreden, al kun je je afvragen of je het een optreden kon noemen. Een vrouw die zo vals zong als een stoet kraaien stond bekende nummers te vernaggelen. Haar vermoedelijke vriend stond het tafereel met een professionele camera te filmen. Er zaten zegge en schrijve zeven mensen in de bar. Je vraagt je werkelijk af met welk doel deze twee jonge mensen hun tijd hier zaten te verdoen. De kans dat zij met haar optreden ontdekt wordt op Instagram of welk verderfelijk platform ook is zo goed als nul procent. We hadden het snel gezien en doken ons mandje in. Na een kwartiertje lezen viel ik in een diepe slaap.


Zoals gebruikelijk waren we de volgende ochtend vroeg uit de veren. Op het programma stond om 14.00 uur de voetbalwedstrijd Allemania Achen – Viktoria Köln. Beide teams bivakkeren in de onderste regionen van de derde liga. Allemania heeft een prachtig stadion met een capaciteit van bijna 33.000. Menig eredivisieclub zou er jaloers op zijn. Ze hebben jaren in de Bundesliga gevoetbald maar zijn daarna ver weggezakt. Vorig jaar speelden ze zelfs vierde liga, maar na een promotie is het dit jaar alle zeilen bijzetten om niet te degraderen. Er waren 18250 toeschouwers, waarvan een handvol van de tegenpartij. Een flinke wandeling door de stad bracht ons om 12.30 in het stadion. We hadden een staanplaats tussen fans met shawls om hun polsen en hoofd. De voetbalcultuur in Duitsland is er eentje met de hoofdletter C. Daar kan menig voetballand nog wat van leren. De wedstrijd was slecht, erbarmelijk slecht zelfs. Köln probeerde het nog, maar Allemania heeft slechts een keer op de goal geschoten. Daarentegen waren de schoten die ver naast, over en voornamelijk over de zijlijn gingen op geen zeven handen te tellen. De uitslag 0-3 was dan ook volkomen logisch.






 Na de wedstrijd volgde weer een heerlijke wandeling naar het centrum. Onderweg raakten we in gesprek met een paar locals. Ze waren jaren geleden voor een tripje naar Aken gegaan en er blijven hangen. Het begon inmiddels te schemeren en met alle lichtjes zag de binnenstad er feeëriek uit. In talloze etalages waren lekkernijen uitgestald en aangezien we sinds 9.00 die ochtend niks meer hadden gegeten en al dertien kilometer lopen achter de rug hadden besloten we voor een Bratwürst te gaan. De vermaarde kerstmarkt van Aken was druk, heel erg druk. Ik wurmde me met gebalde vuisten door de menigte heen en mijn vuisten balden zich tot staal nadat voor de zoveelste keer een kinderwagen tegen mijn enkels was gereden. Aangezien de donkere dagen een tijd van vergiffenis, bezinning, contemplatie en meer aanverwante zaken is heb ik me kunnen inhouden. ‘Laten we een Bratwürst gaan eten, ‘ opperde Grote Geeuw. Met veel enthousiasme sloeg hij de hoek om richting de Bratwürst stand. Binnen tien seconden was hij terug. ‘Kansloos,‘ zei hij. ‘Zeven rijen dik voor een Bratwürst. ' Het alternatief werd de Ierse Pub. We lieten ons de pints Irish Red en Stout goed smaken en waggelden hierna naar een Schnitzelrestaurant. Een vreemd fenomeen is dat je op veel plekken in Duitsland niet met een pas kan betalen, ook in dit restaurant. Terwijl Ome Beertje buiten ging pinnen stiefelden Grote Geeuw en ik naar een ons toegewezen plek. Vanaf toen ging het snel, heel snel. Ome Beertje was inmiddels terug en onze Schnitzels hadden we binnen drie minuten, Ome Beertje had zelfs zijn bier nog niet. Eenmaal weer buiten genoten we van de nasmaak van de Schnitzels. De Bratwürst bleef toch aan ons, en dan voornamelijk Grote Geeuw en ik, trekken. U zult het misschien vreemd vinden, maar Grote Geeuw en ik hebben na de Schnitzel nog een broodje Bratwürst en een broodje Currywürst op.

Geestelijk en lichamelijk volkomen voldaan lagen we na een slaapmutsje in de hotelbar bijtijds op bed.

 Het was een geweldige trip!!!







Foto's : Raymond Swaep































 





Reacties

Populaire posts van deze blog

Persoonlijkheidstest.

  Ik heb jaren geleden, net als heel veel mensen, wel eens een persoonlijkheidstest gedaan. Ik werd er min of meer toe gedwongen door de organisatie waar ik toen voor werkte. Dat ik in die periode enkele chefs op de bek had geramd zal daar ongetwijfeld mede debet aan zijn geweest. Daar stond ik dan op een dinsdagochtend. Het bedrijventerrein waar de organisatie zat die de testen afnam was van een onbeschrijfelijke treurnis. Lelijke wederopbouw architectuur gecombineerd met wanstaltige jaren tachtig meuk. Eenmaal binnen in het fantasieloze kantoor kreeg ik een smakeloze instantkoffie geserveerd en werd me verteld dat ik ongeveer een kwartier moest wachten. Na een kwartier betrad ik het kantoor van de functionaris die mij de test zou gaan afnemen. Tja, wat zal ik zeggen. Als hij me had verteld dat hij de broer van Gargamel was dan had ik het stante pede geloofd. Rond zijn kale, glimmende schedel had hij een zwarte band haar. Zijn streepjesoverhemd was net iets te wijd en zijn pantalo...

Sprookje

  ‘Het leven is een sprookje,‘ hoor je vaak. Ik heb nooit aandacht besteed aan deze holle frase………..tot vorige maand. Op 13 mei ben ik begonnen met het schrijven van mijn biografie. Tijdens het schrijven ben ik tot de conclusie gekomen dat ik in mijn leven regelmatig in sprookjesachtige situaties verzeild ben geraakt. Ik maak u dit duidelijk met twee voorbeelden.   Wandelmaatje   Jaren geleden had ik een wandelmaatje. Met een rugzak vol water, eierkoeken en boterhammen zijn we het halve land doorgegaan. We liepen over verstilde stranden, door vochtige polders, bedompte bossen en verlaten industriesteden. Wandelingen door donkere bossen had onze voorkeur. ‘Ik heb een mooie wandeling op het oog,‘ zei hij op een dag. ‘Een wandeling van dertig kilometer in ‘ Het Verstilde Woud’ in de negorij De Achterhoek. Ik heb wat voorstudie gedaan en gezien dat er halverwege een pannenkoekrestaurant is. Het restaurant ziet er lekker uit. Wat dacht je ervan? Aanstaande zaterdag?‘ ‘...

Zintuiglijk

  Ik stond laatst voor een kolossaal stenen gebouw. De machtige voorgevel helde naar voren en leek een constant gevecht met de zwaartekracht te voeren. Niks dan grijs zag ik om me heen. Grijs van de kolendampen uitgestoten door fabrieken in deze afgelegen arbeiderswijk. Het gebouw werd bewoond door vreemde sujetten waar geen fatsoenlijk gesprek mee te voeren viel. Op zich was dat niet vreemd, ik bevond me namelijk in een gekkenhuis. De gangen, kamers, zolders, kelders, werkelijk iedere ruimte was vergeven van gekken, dwazen en krankzinnigen. Ik ging op speurtocht en belandde in een bibliotheek waar ik een boek uit de schappen trok en begon te lezen. De fabuleuze proza die mijn ogen streelde bedwelmde mijn geest. Zelden heb ik zulk mooi zintuiglijk geschreven teksten onder mijn ogen gehad. Het moet geschreven zijn door een dwaas, een geniale dwaas wel te verstaan. Er is geen touw aan vast te knopen, maar zijn begrijpen en helderheid geen overbodige begrippen bij zoveel genialiteit?...