Ik stond laatst voor een kolossaal stenen gebouw. De machtige voorgevel helde naar voren en leek een constant gevecht met de zwaartekracht te voeren. Niks dan grijs zag ik om me heen. Grijs van de kolendampen uitgestoten door fabrieken in deze afgelegen arbeiderswijk. Het gebouw werd bewoond door vreemde sujetten waar geen fatsoenlijk gesprek mee te voeren viel. Op zich was dat niet vreemd, ik bevond me namelijk in een gekkenhuis. De gangen, kamers, zolders, kelders, werkelijk iedere ruimte was vergeven van gekken, dwazen en krankzinnigen. Ik ging op speurtocht en belandde in een bibliotheek waar ik een boek uit de schappen trok en begon te lezen. De fabuleuze proza die mijn ogen streelde bedwelmde mijn geest. Zelden heb ik zulk mooi zintuiglijk geschreven teksten onder mijn ogen gehad. Het moet geschreven zijn door een dwaas, een geniale dwaas wel te verstaan. Er is geen touw aan vast te knopen, maar zijn begrijpen en helderheid geen overbodige begrippen bij zoveel genialiteit?...
Ik weet niet hoe u het met u zit, maar ik heb werkelijk een bloedhekel aan colporteurs. Herstellende van een knieoperatie scharrelde ik recent met twee krukken over de Hoogstraat toen, je houdt het werkelijk niet voor mogelijk, mijn weg werd geblokkeerd door een heikneuter. Ik zag het al meteen – die gaat strooien – dacht ik, en geen pepernoten maar levenswijsheden. ‘Wat vindt u van de stelling ‘ God is dood , ’ vroeg hij. Uiteraard wist ik door mijn belezenheid meteen welke kant hij me op wilde dirigeren. ‘Moet je eens luisteren Enorme, ‘ zei ik. ‘Enorme? ‘ ‘Enorme. Van enorme vriend. Luister goed naar me. Also sprach Zarathustra van Friedrich Nietzsche is een flutboekje buitencategorie en staat ook wel bekend als De ontvoering van Heineken uit de wereld van de filosofie. Het wordt voornamelijk gelezen door persoonlijkheden van bordkarton die zo inwisselbaar zijn dat hun afdruk in het universum vervliegt als een scheet bij windkracht 11. Met dat boekje ga...