‘Zullen we aan gezinsuitbreiding doen? ‘ Ik draai me om en kijk in de reebruine ogen van mijn vriend. ‘Hoe had je dat gedacht? Wie van ons gaat het kind baren? ‘ ‘Niet baren en geen kind, ‘ zegt hij lachend. ‘Ik bedoel een kat. Gezinsuitbreiding in de vorm van een kat.' Daar kan ik me wel in vinden en nog dezelfde dag staan we voor nummer 666 van onze straat. Nummer 666 is een afwijkend bouwsel. Met de torentjes, erkers zware bakstenen heeft het iets, wat zal ik zeggen, gotisch zeg maar. De gevel is behangen met ruige klimop en de tuin is weelderig met woest groen gelardeerd met het felle rood van rozen die aan doornstruiken hangen. Het huis wordt bewoond door het kattenvrouwtje. Verweesde, eenzame en weggelopen katten vinden bij haar een tweede huis en mensen die interesse in een kat hebben kunnen bij haar terecht. Althans, dat doet het kleine reclamebriefje, welke wij recent in onze brievenbus hebben ontvangen, ons vertellen. Eerlijk gezegd hebben we nog nooit van het kat...