Doorgaan naar hoofdcontent

De bejaardenoppas.

 


In deze kille, egocentrische, individualistische wereld zijn de ware krenten in de pap de mensen die zich bekommeren om de breekbare medemens. U moet dan denken aan gezonde, sterke mensen die een deel van hun vrije tijd opofferen om bejaarde mensen, die in de late herfst van hun leven vertoeven, een menswaardige en plezierige laatste tijd te geven. Denk aan uitstapjes, gesprekken, maaltijden maken of gewoon gezellig een spelletje Rummikub met ze spelen. Ik heb werkelijk enorm veel respect voor deze zichzelf wegcijferende helden. 

Ook ik ben zo’n held.

Mijn eerste ‘klant ‘ was Herr Walter Klaumstürber. Walter heeft inmiddels de respectabele leeftijd van 105 jaar bereikt. Geboren in 1920 in het plaatsje Kotzen stond Walter in 1939 klaar om mee te helpen Lebensraum te creëren. Zijn finest moment vond in 1944 plaats tijdens de Slag om Arnhem als onderdeel van Operatie Market Garden. De kameraadschap die hij daar ervoer heeft hij zijn ganse leven daarna niet meer mogen meemaken.

Tijd heelt wonden en op het moment dat alles vergeven en vergeten was besloot Walter naar Rotterdam te verhuizen. Zijn opgedane ervaring met het graven van kuilen kon hij goed gebruiken bij zijn werkzaamheden voor BOOR, Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam. De binnenstad was een grote vlakte en Walter werd met open armen ontvangen.

Mijn eerste en enige dag met Walter zal ik niet snel vergeten. Ik meldde me op het afgesproken tijdstip 11.00 uur bij zijn voordeur. Ik belde aan en nieuwsgierig geworden keek ik door een smal raampje de gang in. Daar kwam hij aan scharrelen, hij liep mank zag ik.

‘Hoi Walter, ‘ riep ik enthousiast toen hij de deur opende.

Geen reactie. Ik had nu niet een Olympische winnaar verwacht, maar hij straalde niet echt, zag eruit als een afgestoft lijk. Ik keek hem aan en er viel me op dat er iets met zijn hoofd was.

‘Je loopt mank Walter, ‘zei ik.

'Nee hoor, ' zei hij.

Nu zag ik het. Hij miste een oor. Zijn linker oor.

‘Je mist een oor Walter. Je linker oor. ‘

‘Het is een oude oorlogswond. De oor mist niet, maar is verplaatst. Ze hebben mijn oor in mijn linker knieholte gezet. Dit verklaart mijn waggelende gang. Mijn rechteroor is momenteel verstopt dus zou je iets luider kunnen praten en je woorden naar mijn linkerknie kunnen richten? ‘

‘Geen probleem Walter. ‘ We gingen naar binnen en terwijl Walter naar het toilet ging begon ik het huis te verkennen. Walter was een Einzelgänger en vrijgezel. Dat was te zien. Wat een onvoorstelbare puinhoop in het huis. Ik opende her en der wat keukenkastjes en vond blikken voedsel die bol stonden van de verkeerde vetten, diepe zouten en cholesterol verhogende elementen. Nadat ik een kwartier op een rafelige, oude bank had gezeten zag ik Walter van het toilet komen. Zijn rechterhand droop van het vocht en hij wilde me een hand geven. ‘Het is in ieder geval een grappenmaker, ‘ dacht ik nog. Je hand onder de warme kraan houden, iemand een hand geven en dan zeggen dat je over je hand hebt geplast. Hij gaf me een hand die warm en nat was.

‘Oooh Walter, jij viezerik, ‘ veinsde ik verbazing. ‘Heb je nu over je hand geplast? ‘

‘Ja,’

‘Hahahaha. Dat is een hele oude grap Walter. Je handen met warm water wassen, iemand een hand geven en dan zeggen dat je over hand hebt geplast.’

‘Dat heb ik ook. Ik heb helemaal geen kraan op het toilet. ‘

Ik trok een sprint naar het toilet, en warempel, geen kraan.

‘Ik zet wel een kop thee, ‘ zei Walter. Hij was een eeuwigheid in de keuken aan het rommelen. Mijn geduld werd danig op de proef gesteld. Ik balde mijn vuisten, maar besloot deze weer te ontspannen. Het is nochtans lastig met gebalde vuisten een kop thee drinken. Hij zette de kop thee met een gigantisch voetbad voor me op tafel.

‘Acht miljoen Joden vergassen kun je wel, maar een fatsoenlijke kop thee zetten is blijkbaar Een Brug te Ver. ‘ dacht ik. Toen hij zijn hoofd omdraaide leegde ik de schotel in de naad van de bank.

‘Wat dacht je van een spelletje Rummikub Walter? ‘

‘Nee. Ik wil naar buiten, zei hij. ‘Het leven ontmoeten. ‘

‘Nu nog? ‘ vroeg ik.

We trokken onze jassen aan en gingen naar buiten voor een wandeling. Wandeling is een groot woord voor hoe we ons voortbewogen. Ik duwde hem voort. Walter had het idee geopperd een wan tan soep te gaan eten. We gingen de eerste de beste toko binnen die we tegenkwamen en ik bestelde twee wan tan soep.

‘Wel goed blazen hoor Walter. De soep is erg heet. ‘

‘Walter nam een ferme hap welke werd gevolgd door een hemeltergend gekrijs. De hete wan tan soep liet brandblaren achter op zijn reeds door vitaminegebrek opgezwollen lippen. Stom van me, heel stom. Ik had hem in zijn dichte rechteroor gewaarschuwd in plaats van in zijn linker knie. Hij had me niet gehoord. Om de opgezwollen lippen wat rust te geven maakte Walter me met handen en voeten duidelijk dat hij naar de Maas wilde. Het werd een barre tocht, het was inmiddels flink gaan sneeuwen. Ik sommeerde Walter op zijn rug te gaan liggen zodat ik hem aan zijn voeten voor kon trekken. Dat ging een stuk rapper dan lopen. We tuurden over de rivier en plots begon Walter te wijzen en geluiden te maken. Hij wees naar de Pannenkoekboot en begon kreten te stieten. Ik verstond er werkelijk helemaal niks van en vroeg hem te herhalen wat hij zei.

‘eiirhfuedvdbdwdgbejvoeijvmiv, ‘

‘Wat bedoel je nu precies Walter? ‘ ‘Op de pokkenboten serveren ze bokkenpoten?’

Heiland……….....……daal neer en verlos me.

‘Kun je het misschien in de sneeuw opschrijven Walter? ‘

Hij ging op de grond zitten en schreef de volgende tekst in de sneeuw: Op de Pannenkoekboot serveren ze ook rode wijn.

‘Hahahaha. Ik verstond heel wat anders Walter, ‘ en ik gaf hem een stevige schouderklop. Ik zag hem langzaam wegglijden richting de rivier, kwam zelfs in de rivier terecht. 

Er had een plotselinge weeromslag plaatsgevonden. Een stevige dooiaanval ging gepaard met windkracht elf komende uit het westen. In plaats van naar de Noordzee werd Walter richting de Heimat geblazen. Ik heb hem niet meer gezien.

Een paar dagen later kreeg ik onderstaand krantenbericht onder ogen.

De autoriteiten staan voor een groot raadsel. Aan de oevers van de Maas nabij Roermond is de verloren gewaande Duitse oorlogsheld Walter Klaumstürber aangespoeld. Zijn heldenstatus heeft mythische proporties dankzij zijn acties bij de Slag om Arnhem. De autoriteiten hebben hem nog niet kunnen vragen waar hij sinds 1944 heeft uitgehangen. Opgezwollen lippen, vermoedelijk veroorzaakt door het koude water, bemoeilijken het spreken.

 

Foto : www.humo.be / Gummbah


Reacties

Populaire posts van deze blog

Persoonlijkheidstest.

  Ik heb jaren geleden, net als heel veel mensen, wel eens een persoonlijkheidstest gedaan. Ik werd er min of meer toe gedwongen door de organisatie waar ik toen voor werkte. Dat ik in die periode enkele chefs op de bek had geramd zal daar ongetwijfeld mede debet aan zijn geweest. Daar stond ik dan op een dinsdagochtend. Het bedrijventerrein waar de organisatie zat die de testen afnam was van een onbeschrijfelijke treurnis. Lelijke wederopbouw architectuur gecombineerd met wanstaltige jaren tachtig meuk. Eenmaal binnen in het fantasieloze kantoor kreeg ik een smakeloze instantkoffie geserveerd en werd me verteld dat ik ongeveer een kwartier moest wachten. Na een kwartier betrad ik het kantoor van de functionaris die mij de test zou gaan afnemen. Tja, wat zal ik zeggen. Als hij me had verteld dat hij de broer van Gargamel was dan had ik het stante pede geloofd. Rond zijn kale, glimmende schedel had hij een zwarte band haar. Zijn streepjesoverhemd was net iets te wijd en zijn pantalo...

Sprookje

  ‘Het leven is een sprookje,‘ hoor je vaak. Ik heb nooit aandacht besteed aan deze holle frase………..tot vorige maand. Op 13 mei ben ik begonnen met het schrijven van mijn biografie. Tijdens het schrijven ben ik tot de conclusie gekomen dat ik in mijn leven regelmatig in sprookjesachtige situaties verzeild ben geraakt. Ik maak u dit duidelijk met twee voorbeelden.   Wandelmaatje   Jaren geleden had ik een wandelmaatje. Met een rugzak vol water, eierkoeken en boterhammen zijn we het halve land doorgegaan. We liepen over verstilde stranden, door vochtige polders, bedompte bossen en verlaten industriesteden. Wandelingen door donkere bossen had onze voorkeur. ‘Ik heb een mooie wandeling op het oog,‘ zei hij op een dag. ‘Een wandeling van dertig kilometer in ‘ Het Verstilde Woud’ in de negorij De Achterhoek. Ik heb wat voorstudie gedaan en gezien dat er halverwege een pannenkoekrestaurant is. Het restaurant ziet er lekker uit. Wat dacht je ervan? Aanstaande zaterdag?‘ ‘...

Zintuiglijk

  Ik stond laatst voor een kolossaal stenen gebouw. De machtige voorgevel helde naar voren en leek een constant gevecht met de zwaartekracht te voeren. Niks dan grijs zag ik om me heen. Grijs van de kolendampen uitgestoten door fabrieken in deze afgelegen arbeiderswijk. Het gebouw werd bewoond door vreemde sujetten waar geen fatsoenlijk gesprek mee te voeren viel. Op zich was dat niet vreemd, ik bevond me namelijk in een gekkenhuis. De gangen, kamers, zolders, kelders, werkelijk iedere ruimte was vergeven van gekken, dwazen en krankzinnigen. Ik ging op speurtocht en belandde in een bibliotheek waar ik een boek uit de schappen trok en begon te lezen. De fabuleuze proza die mijn ogen streelde bedwelmde mijn geest. Zelden heb ik zulk mooi zintuiglijk geschreven teksten onder mijn ogen gehad. Het moet geschreven zijn door een dwaas, een geniale dwaas wel te verstaan. Er is geen touw aan vast te knopen, maar zijn begrijpen en helderheid geen overbodige begrippen bij zoveel genialiteit?...