Doorgaan naar hoofdcontent

Matcha deel twee.

 


Ik loop door een donker, zompig, nevelig Kralingse Bos. Het blijft verbazingwekkend, zo’n prachtig bos niet ver van de stad van Glas en Staal. Waar in het centrum de torens balanceren op de landtongen, die als lange vingers in de rivier liggen, wijzen hier de toppen van de naaldbomen en de loofbomen als vingers de lucht in. Ik spot een eekhoorn, ik hoor een vogeltje, ik ruik dode bladeren. Verder van de door autoverkeer verziekte Meent kun je hier niet zijn.

Ik loop de wolvenvallei in en aan het einde van het bospad zie ik iemand op me af komen lopen. Hij roept iets naar me, het klinkt als: Wat is je naam?

‘De Eenzame Fietser,’ roep ik terug. Nu hij genaderd is kan ik hem beter bekijken. Het is een oude man met grijs haar en een lange, grijze baard.

‘Zei u dat u de Eenzame Bietser bent?' vraagt hij.

‘Nee, mijn naam is de Eenzame Fietser. Met de F van Francotelli.’

Hij staart me aan en iets in zijn ogen komt me vertrouwd, bekend voor.

‘Zet u gen?’ vraagt hij.

‘Hoe bedoelt u?‘

‘Bent u een genzetter?’

‘U bedoelt waarschijnlijk of ik een Gen Z-er ben. Nee dat ben ik niet, ik heb daar de leeftijd niet voor en al had ik die wel, ik ben een onafhankelijke geest.’

Hij staart me aan en zegt niks.

‘Ik ben niet in te delen in welk hokje ook oude man. Ik sta volkomen los van de afgevlakte, verloren massa. Bij mij hoort u geen gesprekken over huizen, auto’s, functiejaren en een middagje in de zon. Ik lees geen flutboekjes met een plot die zo rammelt dat deze als een rammelaar dienst kan doen. Ik luister niet naar radio 538. De muziek die ik beluister bezit diverse lagen en extreme diepgang. De boeken die ik lees analyseren en fileren ragfijn de ingewikkelde personages die worden opgevoerd.’

‘Mag ik je wat vragen?’ zegt hij.

‘Natuurlijk.’

‘Ik kom net van Katendrecht en ik voel me een beetje verward. Het is mijn Katendrecht niet meer.’

‘Dat begrijp ik oude man. Katendrecht is nochtans flink gegentrificeerd de laatste jaren.’

‘Ik snap niet precies wat je bedoelt Fietser, maar zou jij met mij iets op Katendrecht willen gaan drinken? Zodat ik het oude gevoel weer een beetje krijg.’

‘We wandelen naar Katendrecht en onderweg kijkt de oude man verbaasd om zich heen. Alsof hij de stad voor het eerst ziet. Op het Deliplein nestelen we ons op een terras. ‘Ik heb begrepen dat iedereen matcha drinkt,’ zegt hij.

‘Dat klopt. Het is een hype. Mensen met zwakke schouders, zwakke knietjes en een zwakke geest lopen blind achter deze hype aan. Vandaag is het matcha, morgen is het weer iets anders. Ze voelen zich kosmopoliet, maar het zijn heikneuters. Uiteraard doe ik niet mee aan die massahysterie.’

‘En toch ga ik een matcha bestellen Fietser. Ik wil het gewoon een keer proberen.'

‘Dan doe ik met je mee oude man.’ Ik bestel twee matcha’s en dertig minuten later worden ze gebracht.

‘Proost Fietser.’

Ik neem een flinke slok en voordat ik begin te kokhalzen begint alles om me heen te draaien. De horizon golft op en neer en geluiden verdwijnen langzaam in de verte. Dan wordt het mistig en glij ik weg.

‘Hallo jongetje. Wakker worden! Wakker worden!’ Ik doe mijn ogen open en zie een jonge vent van een jaar of twintig voor me staan. Zijn ogen zijn felblauw en zijn dikke, zwarte haar is strak naar achteren gekamd. Hij heeft twee gigantische bakkebaarden en in zijn mondhoek hangt een shaggie. Ik zie een pak zware shag van Van Nelle uit zijn borstzak steken. In zijn handen heeft hij een pijpje bier. ‘Je was in slaap gevallen tijdens het gluren naar de hoertjes. Jij viespeuk haha. Het leek me het beste om je wakker te maken voordat het flesje uit je handen zou vallen.’ zegt hij en houdt een flesje Exota omhoog. Ik kijk om me heen, het is het Deliplein, maar toch ook weer niet. Achter de ramen zitten de Dames Van Plezier en over het plein scharrelen schippers, zeemannen en Chinezen. Wat is er gebeurd? Ik krabbel op mijn hoofd en in plaats van uitgedroogd mos voel ik een weelderige haarbos zitten. Ik ren naar een geparkeerde auto, kijk in de ruit en zie het gezicht van een kind.

‘Dit kan niet!!!’hoor ik mezelf gillen. ‘Welke dag is het vandaag? 4 oktober 1978?’

‘Bijna goed,’ zegt de jonge kerel. ‘Het is vandaag 6 oktober 1978.’

 

Foto : www.healthbar.nl

 


Reacties

Populaire posts van deze blog

Persoonlijkheidstest.

  Ik heb jaren geleden, net als heel veel mensen, wel eens een persoonlijkheidstest gedaan. Ik werd er min of meer toe gedwongen door de organisatie waar ik toen voor werkte. Dat ik in die periode enkele chefs op de bek had geramd zal daar ongetwijfeld mede debet aan zijn geweest. Daar stond ik dan op een dinsdagochtend. Het bedrijventerrein waar de organisatie zat die de testen afnam was van een onbeschrijfelijke treurnis. Lelijke wederopbouw architectuur gecombineerd met wanstaltige jaren tachtig meuk. Eenmaal binnen in het fantasieloze kantoor kreeg ik een smakeloze instantkoffie geserveerd en werd me verteld dat ik ongeveer een kwartier moest wachten. Na een kwartier betrad ik het kantoor van de functionaris die mij de test zou gaan afnemen. Tja, wat zal ik zeggen. Als hij me had verteld dat hij de broer van Gargamel was dan had ik het stante pede geloofd. Rond zijn kale, glimmende schedel had hij een zwarte band haar. Zijn streepjesoverhemd was net iets te wijd en zijn pantalo...

Sprookje

  ‘Het leven is een sprookje,‘ hoor je vaak. Ik heb nooit aandacht besteed aan deze holle frase………..tot vorige maand. Op 13 mei ben ik begonnen met het schrijven van mijn biografie. Tijdens het schrijven ben ik tot de conclusie gekomen dat ik in mijn leven regelmatig in sprookjesachtige situaties verzeild ben geraakt. Ik maak u dit duidelijk met twee voorbeelden.   Wandelmaatje   Jaren geleden had ik een wandelmaatje. Met een rugzak vol water, eierkoeken en boterhammen zijn we het halve land doorgegaan. We liepen over verstilde stranden, door vochtige polders, bedompte bossen en verlaten industriesteden. Wandelingen door donkere bossen had onze voorkeur. ‘Ik heb een mooie wandeling op het oog,‘ zei hij op een dag. ‘Een wandeling van dertig kilometer in ‘ Het Verstilde Woud’ in de negorij De Achterhoek. Ik heb wat voorstudie gedaan en gezien dat er halverwege een pannenkoekrestaurant is. Het restaurant ziet er lekker uit. Wat dacht je ervan? Aanstaande zaterdag?‘ ‘...

Zintuiglijk

  Ik stond laatst voor een kolossaal stenen gebouw. De machtige voorgevel helde naar voren en leek een constant gevecht met de zwaartekracht te voeren. Niks dan grijs zag ik om me heen. Grijs van de kolendampen uitgestoten door fabrieken in deze afgelegen arbeiderswijk. Het gebouw werd bewoond door vreemde sujetten waar geen fatsoenlijk gesprek mee te voeren viel. Op zich was dat niet vreemd, ik bevond me namelijk in een gekkenhuis. De gangen, kamers, zolders, kelders, werkelijk iedere ruimte was vergeven van gekken, dwazen en krankzinnigen. Ik ging op speurtocht en belandde in een bibliotheek waar ik een boek uit de schappen trok en begon te lezen. De fabuleuze proza die mijn ogen streelde bedwelmde mijn geest. Zelden heb ik zulk mooi zintuiglijk geschreven teksten onder mijn ogen gehad. Het moet geschreven zijn door een dwaas, een geniale dwaas wel te verstaan. Er is geen touw aan vast te knopen, maar zijn begrijpen en helderheid geen overbodige begrippen bij zoveel genialiteit?...